Website van Freek Katteler
Gijsbert van Mulickom
Gijsbert van Mulickom,
ovl. in 1612,
, hij tekent als deurwaarder op 30-7-1581 een stuk met zijn wapen dat gelijk is aan dat van zijn vader: RAA familie-archief Brantsen charter nr 726.
Op 30 augustus en 10 september 1622 maakt Jenneke ten Haeve, weduwe van Gijsbert van Mulickom, haar testament met aanvulling. Zij legateert aan de Broederschap van de Heilige Geest 50 gulden, aan haar zoons Jan en Gerard ieder 150 gulden en iede r een zilveren beker met zijn naam erop, aan Gertruut de vrouw van haar zoon Jan een gouden ring, een satijnen jas en een fluwelen mof, aan haar zoon Gijsbert haar huis in de Burchstraat, aan haar zoon Jan een huis in de Grotestraat. Zoon Rober t wordt hier niet genoemd; mogelijk is hij reeds overleden. Deze uiterste wilsbeschikkingen doet zij weer teniet bij een testament uit 1626; alleen het legaat aan de Broederschap blijft intact. In 1625 hebben haar zoons Gerard en Johan, raadsvrien den, en haar uitlandige zoon Hendrick voor haar een huis in de Grotestraat verkocht, onder beding dat de weduwe daar tot haar dood toe mag blijven wonen.

relatie
met

Jenneke ten Have.

Uit deze relatie een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Johan     


Jenneke ten Have
Jenneke ten Have.

relatie
met

Gijsbert van Mulickom, zn. van Henrick van Mulickom en Nael Meisters,
ovl. in 1612,
, hij tekent als deurwaarder op 30-7-1581 een stuk met zijn wapen dat gelijk is aan dat van zijn vader: RAA familie-archief Brantsen charter nr 726.
Op 30 augustus en 10 september 1622 maakt Jenneke ten Haeve, weduwe van Gijsbert van Mulickom, haar testament met aanvulling. Zij legateert aan de Broederschap van de Heilige Geest 50 gulden, aan haar zoons Jan en Gerard ieder 150 gulden en iede r een zilveren beker met zijn naam erop, aan Gertruut de vrouw van haar zoon Jan een gouden ring, een satijnen jas en een fluwelen mof, aan haar zoon Gijsbert haar huis in de Burchstraat, aan haar zoon Jan een huis in de Grotestraat. Zoon Rober t wordt hier niet genoemd; mogelijk is hij reeds overleden. Deze uiterste wilsbeschikkingen doet zij weer teniet bij een testament uit 1626; alleen het legaat aan de Broederschap blijft intact. In 1625 hebben haar zoons Gerard en Johan, raadsvrien den, en haar uitlandige zoon Hendrick voor haar een huis in de Grotestraat verkocht, onder beding dat de weduwe daar tot haar dood toe mag blijven wonen.

Uit deze relatie een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Johan